Newsletter subscription
Testimonials
Dr. Henk van Latesteijn
"Democratisation of knowledge is not a scientific discourse but a working method. This means we shou...
1. Luisteren naar de kennis van het volk
Martin Sommer, De Volkskrant 01-09-2009
"Het is beschamend dat Nederland niet één gekozen bestuurder telt, en dan heb ik het maar niet over ministers die oproepen tot opstand van de elite."
Ik mocht afgelopen week in Leiden aanschuiven bij een conferentie met de wat ronkende naam Towards Knowledge Democracy – consequences for science, politics and media. Kennisdemocratie, het idee was geboren naar beeld en gelijkenis van de kenniseconomie. Oude ambachten hebben lang en breed plaatsgemaakt voor een werkende bevolking achter de pc. Wordt het niet eens tijd dat zo’n postindustriële revolutie plaats heeft in het openbaar bestuur?
Vandaag begint de Tweede Kamer weer zijn heilzame werk. Een mooi moment voor een overweging. De bestuurskundige Roel in ’t Veld, die de Leidse bijeenkomst belegde, vindt dat de democratie in een crisis verkeert. Eens in de vier jaar een hokje rood maken volstaat niet meer. Het probleem, zei In ’t Veld in het blad Binnenlands Bestuur, is de ‘uitermate regenteske traditie’ in Nederland.
Hij heeft natuurlijk gelijk. Het is ronduit beschamend dat Nederland niet één gekozen bestuurder telt, en dan heb ik het maar niet over ministers die oproepen tot opstand van de elite. Top down gaat niet langer, zegt In ’t Veld. Hoe dan wel? Dat lijkt een stuk ingewikkelder.
Rollen
Tijdens de conferentie begreep ik dat in de netwerksamenleving de rollen van burger, wetenschapper en politicus door elkaar lopen. Het ging vooral over een soort van participerende wetenschap – deze en gene professor vond dat zowel de wetenschap als de politiek beter moet luisteren naar de local knowledge van de burgerij. ‘Iedere burger is tegenwoordig ook informatieproducent’, zei In ’t Veld.
Goed idee, ik hou ook erg van luisteren naar het volk. Jammer alleen dat de handvol uiteenzettingen waar ik bij was allemaal keurig over het leefmilieu gingen. Luisteren naar ideeën over een schoner milieu, dat kan ik ook. Maar waar is de participerende professor die de Wildersstemmers op Rotterdam-Zuid laat meepraten over de inrichting van hun stad? Ik ben hem bij Knowledge Democracy niet tegengekomen. Sommige soorten lokale kennis waren welkomer dan andere.
Niettemin was ik meteen verkocht toen Mike Duijn van TNO vertelde over zijn onderzoek, te meer omdat de casus zich in Zeeland afspeelde. En we weten allemaal dat premier Balkenende net hoog heeft opgegeven van de Zeeuwse local knowledge in verband met de Hedwigepolder.
Mike Duijn vertelde over het plan van de gemeente Middelburg, zo’n tien jaar geleden, om eens wat meer ambitie te tonen. Hij liet dia’s zien van de omgeving van de Zeeuwse hoofdstad, met een kerkje en boerenland, zoals het er nu bij ligt, het buitengebied kalm en voornamelijk SGP-geneigd.
"Sommige soorten lokale kennis waren welkomer dan andere"
Vaart der volkeren
Maar Middelburg moest omhoog in de vaart der volkeren, en bestelde een plan bij stedebouwkundige Riek Bakker. Een hilarische dia volgde, met een woeste plattegrond vol pijlen, stukken land onder water in de driehoek tussen Middelburg, Veere en Arnemuiden, eilanden voor recreatie, ‘verschillende woonmilieus’ zoals de projectleider het toentertijd noemde, en ‘waterplassen, rietvelden en bomen, krekengebied met eilanden’. Het gemeentebestuur, waaronder het CDA, had bepaald geen last van de lokale gevoeligheid die de premier de afgelopen weken tentoonspreidde.
In alle staten
De boeren ter plaatse waren daarentegen in alle staten. Waar hadden ze dit laatste oordeel aan verdiend? Bestuur en bevolking stonden lijnrecht tegenover elkaar, toen Mike Duijn van TNO langskwam met de vraag of er met een andere benadering wat te redden viel. Hij organiseerde zes workshops, met alle belanghebbenden.
‘Schud ze maar leeg en zie eens wat voor moois eruit komt’, zei hij in het blaadje van TNO. De boeren en de burgers maakten twee scenario’s, te weten één bescheiden plan waarin het boerenland voornamelijk boerenland bleef, en één iets ambitieuzer plan met wat nieuwe natuur en iets meer recreatie – maar nog altijd heel ver van het woeste geteken van Riek Bakker.
Het eind van het liedje was het interessantst. Mike Duijn stelde vast ‘dat lokale belanghebbenden heel wel in staat zijn om met verstandige ideeën te komen’. Teleurstellend daarentegen was de opstelling van het openbaar bestuur.
Tegenzin
De burgemeester nam de twee scenario’s nog in ontvangst, met frisse tegenzin. Dat was ruim anderhalf jaar geleden. Daarna is er niets meer vernomen. ‘De experts wilden niet in de problem solving mode’, aldus Mike Duijn. Waarom niet? ‘Het was hun eigen plan niet.’
Ik geloof dat Balkenende gelijk heeft met zijn waarneming dat Zeeuwen het niet pruimen wanneer moeizaam herwonnen land onder water wordt gezet. Des te merkwaardiger dat onze Zeeuwse premier er zo lang over gedaan heeft, om die diepgevoelde Zeeuwse overtuiging tot zich te laten doordringen.
De vraag is of je voor dat doordringen ingewikkelde knowledge democracy nodig hebt. Noch zo’n wild Middelburgs plan, noch het onder water zetten van de Hedwigepolder, had met enige vorm van volksraadpleging kans van slagen gehad. Goed idee dus die kennisdemocratie, zullen we eens ouderwets beginnen met een gekozen burgemeester?
2. Stop instant-oordeel
Pieter Hilhorst, De Volkskrant 01-09-2009
"We hebben heel veel oordelen, maar te vaak over onbelangrijke symbolen in plaats van over echt structurele problemen."
De aandacht in de media voor internationale rampen hangt volgens Bastiaan Zoeteman en zijn collega-onderzoekers van de Universiteit van Tilburg af van een klein aantal factoren. Zou wat de boventoon voert in het publieke debat even voorspelbaar zijn? De factoren die de omvang bepalen van de berichtgeving over rampen in de krant en op tv liggen voor de hand. Hoe meer slachtoffers, hoe groter de economische schade en hoe groter de Nederlandse betrokkenheid, hoe meer media-aandacht.
Doden
Interessant is daarbij dat het aantal mensen dat huis en haard heeft moeten ontvluchten belangrijker is dan het aantal doden. Vluchtelingen vormen een urgent probleem waaraan wat moet worden gedaan. Doden hoef je daarentegen alleen maar te begraven. Daarnaast is de zogenaamde magiefactor van belang.
De tsunami had een hoge magiefactor. Dat uit zee zomaar een vloedgolf het land op kan razen en alles en iedereen kan meesleuren, is zo’n angstaanjagend fenomeen dat mensen niet uitgekeken raken.
De factoren die bepalen hoeveel aandacht internationale rampen krijgen, verklaren niet wat de boventoon voert in het debat. Er wordt niet het meest gedebatteerd over kwesties die veel slachtoffers (dreigen) te maken en waarbij de mogelijke economische en ecologische schade groot is. Integendeel.
Islamitische scholen
De ophef is groter over islamitische scholen dan over schooluitval. Er wordt meer gesproken over de bonussen van de bankiers dan over toezicht op de banken of de aanpak van de economische crisis. Het gaat meer over de Mexicaanse griep dan over klimaatverandering en het milieu. Blijkbaar zijn in het publieke debat andere krachten werkzaam dan bij de verslaggeving van internationale rampen. Maar wat zijn dan de verklarende factoren?
Een eerste factor is het standpunt.nl gehalte van een kwestie. Hoe minder voorbereiding het vereist om over een kwestie een mening te vormen hoe beter die kwestie zich leent voor een stevig publiek debat. Het is ook makkelijker om over een persoon te praten dan over een kwestie.
Om over de zeilplannen van Laura mee te praten hoef je je niet in te lezen. Een debat over de verhoging van de AOW-leeftijd is veel ingewikkelder. Het gaat niet alleen over verdelende rechtvaardigheid, maar er wordt ook gegoocheld met cijfers. Is de AOW op termijn nu wel of niet betaalbaar? De discussie wordt zo al snel een zaak voor deskundigen.
"We moeten ons bezig houden met kwesties die de meeste impact hebben, niet met kwesties die om getuigenispolitiek vragen"
Morele verontwaardiging
Een tweede factor is morele verontwaardiging. Het idee dat een ambulancebroeder, die nota bene een gewonde komt redden, te maken krijgt met bedreiging en geweld vloekt zo met elk idee van rechtvaardigheid, dat we daar ons gemoed wel over willen luchten. Zo’n debat gaat overigens nooit tussen voor- en tegenstanders van geweld tegen ambulancebroeders. Iedereen is tegen. Men richt zijn pijlen daarom op mensen die het geweld niet genoeg veroordelen. Hoe meer een incident symbool staat voor maatschappelijke verloedering hoe groter de ophef.
Maar de belangrijkste magische factor is kleur bekennen. Een debat dat gaat over identiteit, over de vraag wie wij zijn, is veel heftiger dan een debat over de vraag wat we moeten doen.
Daarom gaan debatten over de multiculturele samenleving vaak over symbolische kwesties, zoals een imam die vrouwen geen hand wil geven of een bruggenbouwer die misschien een dubbele agenda heeft. Gemeten aan de factoren die de aandacht voor rampen bepalen, zijn het nietige kwesties.
Ze maken niet veel slachtoffers en richten geen grote economische schade aan, de symboolwaarde is daarentegen groot, want er staan principes op het spel.
Sinds Fortuyn willen politici beter luisteren naar de burgers en dus laten ze hun oren hangen naar het publieke debat. Maar de ironie is dat juist in het publieke debat kwesties de boventoon voeren waar ze geen raad mee weten.
Standpunt
Daar overheerst de logica van de instant-oordelen, de morele verontwaardiging en het kleur bekennen. De nadruk ligt niet op de pragmatische oplossing, maar op het principiële standpunt. Het wordt dan voor een politicus belangrijker om te laten zien wie hij is en waar hij staat, dan om te tonen wat hij doet en bereikt.
In de politiek gaat het niet alleen om het onderscheid tussen goed en kwaad, maar ook om het onderscheid tussen belangrijk en onbelangrijk. Daarbij kunnen we heel wat leren van de verslaggeving van internationale rampen.
We moeten ons bezig houden met kwesties die de meeste impact hebben, niet met kwesties die om getuigenispolitiek vragen. Meer over de AOW, minder over Laura, meer over schooluitval, minder over islamitische scholen, meer over de economische crisis, minder over de bonussen. Anders krijgen we meer symboolpolitiek dan rampenbestrijding.